Doesburgse brievencollectie ontdekt op zolder voormalig postkantoor

tot 800800–900900–10001000–11001100–12001200–13001300–14001400–15001500–16001600–17001700–18001800–19001900–2000vanaf 2000

ca., begin 20e eeuw 1900

Bronnen:

Op de zolder van het voormalige Doesburgse postkantoor, later fietsenwinkel Sonneveld op de hoek van de Gasthuisstraat en de Herenstraat, wordt begin twintigste eeuw een oude, gehavende postkist gevonden met honderden onbezorgde brieven, de meeste meer dan tweehonderd jaar oud. De brieven zijn in het Nederlands, Duits, Frans, Engels en zelfs Italiaans geschreven en om uiteenlopende redenen nooit afgeleverd: verkeerde adressering, weigering van portokosten, of geadresseerden die door de onrust van de Franse tijd niet meer te vinden waren. Onder de correspondentie bevinden zich brieven van gewone Doesburgers als Dina Jansen en Hendrika Louisa Poortenaar, een liefdesbrief aan de Franse vluchtelinge Adèle Casanova, een reeks brieven (1783-1787) van Evert-Jan Jansen aan de Doesburgse advocaat en latere burgemeester (1788) mr. B.J. Rasch, die door huwelijk verwant was aan de familie Gordon, en de op 16 januari 1795 geschreven brief van barones Van Weltzien aan haar man, kapitein in het regiment Bedaulx, over de val van de stad aan de Fransen. De collectie is stuk voor stuk bestudeerd, getranscribeerd en geannoteerd door onderzoeker Renaat Gaspar en bevindt zich nu in de collectie van Beeld en Geluid in Den Haag (het voormalige Postmuseum). Gaspar publiceerde over de Franse emigrés in de collectie het boek ‘Op de vlucht voor de guillotine’ (Walburg Pers, Zutphen, 2010).