Doopkwestie tussen katholiek en hervormd echtpaar verdeelt Doesburg

tot 800800–900900–10001000–11001100–12001200–13001300–14001400–15001500–16001600–17001700–18001800–19001900–2000vanaf 2000

7 november 1841

Bronnen:

Michiel Peeters (20, katholiek, kleermaker) en Bartjen Vleming (23, hervormd) trouwen op 7 september 1839 in Doesburg omdat er al een kind op komst is; die uitzondering is destijds de enige reden waarom een gemengd huwelijk wordt toegestaan. Het eerste kind, Jacobus Johannes, wordt met instemming van beide ouders katholiek gedoopt. Bij de tweede zwangerschap, in 1841, wil Bartjen dat een meisje hervormd wordt gedoopt; onder druk van dominee Immink stemt Michiel daarmee in. Als op 29 oktober 1841 dochter Grietjen wordt geboren, zetten Michiels moeder en pastoor Clercx hem echter zo onder druk dat hij zijn belofte intrekt. Op 7 november 1841 brengt een protestantse huisgenote het kind toch naar de Martinikerk voor de hervormde doop; Michiel haalt haar met familieleden in en laat Grietjen alsnog door pastoor Clercx katholiek dopen. De kwestie leidt tot een pamflettenoorlog tussen dominee Immink (‘Teregtwijzing der teregtwijzing’) en pastoor Clercx (‘Teregtwijzing aan den Evangelischen Kerkbode’) en tot verontwaardiging tot ver buiten Doesburg. Doordat Bartjen na de rel veel van haar protestantse klanten als kleermakersvrouw kwijtraakt, vervalt het gezin in armoede; Michiel vertrekt later met het gezin naar Rotterdam. Een terugblik in Doesburg Vertelt uit 2022 noemt deze kwestie de ‘Doesburgse Doopquestie’ en dateert haar losser op 1846; de hier gebruikte precieze datering (7 november 1841, met naam en toedracht) is gebaseerd op de uitgebreidere dv2023-reconstructie.