De vijf Doesburgse Gestichten van Weldadigheid krijgen één gemeenschappelijk reglement
tot 800800–900900–10001000–11001100–12001200–13001300–14001400–15001500–16001600–17001700–18001800–19001900–2000vanaf 2000
10 juni 1876
- Kroniek van de Gestichten van Weldadigheid te Doesburg, 1237-1987 , J.W. van Petersen (geraadpleegd 28-08-2026.)
De Armenwet van 1854 verplicht gemeenten vast te stellen tot welke categorie hun instellingen van weldadigheid behoren. Voor Doesburg blijkt dat geen sinecure: pas na een langslepend geschil, waarin raadslid Van Barneveld vanaf 1872 herhaaldelijk om inzage in de fundatiebrieven vraagt, stelt een raadscommissie in april 1875 vast dat de vijf Doesburgse Gestichten zuiver gemeentelijke instellingen zijn. Op 10 juni 1876 stelt de Raad vervolgens het gezamenlijke Reglement voor de Gestichten van Weldadigheid te Doesburg vast, dat het Gasthuis, de Valeweerd, de Broekhuizer fundatie, het Weduwenhuis en het Weeshuis onder één bestuur van vijf Gecommitteerden en een secretaris brengt. Deze reglementering vormt een bestuurlijke en administratieve breuklijn: waar de instellingen daarvoor eeuwenlang ieder hun eigen bestuur en geschiedenis kenden, worden ze vanaf 1876 als één geheel beheerd — een indeling die tot in de 20ste eeuw stand houdt.