Doesburg verliest en herwint het jaarmarktrecht
tot 800800–900900–10001000–11001100–12001200–13001300–14001400–15001500–16001600–17001700–18001800–19001900–2000vanaf 2000
1230 – 1231
- Doesburgse Archeologische Publicaties (DAP) — Het Hart van Doesburg. Archeologisch onderzoek in de bouwput van het Doesburgse gemeentehuis (DAP 22) — Matthijs van Wees, 2020 (geraadpleegd 26-08-2026.)
- Doesburgse Archeologische Publicaties (DAP) — Achter het Gasthuis. Archeologisch onderzoek aan de Gasthuisstraat 23-29 in Doesburg (DAP 17) — Davy Kastelein & Bert Fermin, 2017 (geraadpleegd 27-08-2026. Preciseert het jaar van herroeping (1231) en de teruggekeerde rechten.)
- Gelre: Dynastie, land en identiteit in de late middeleeuwen , Andries Noordzij (geraadpleegd 28-08-2026. Naam van de graaf (Otto II) en het citaat over burgerinspraak.)
In 1230 verplaatst graaf Otto II van Gelre de weekmarkt van Doesburg naar het naburige Doetinchem — in de oorkonde vermeldt hij dat hij dit doet “met raad en goedkeuring van mijn edelen en ministerialen, en ook met raad van de burgers van Doetinchem, Zutphen en Arnhem”, een van de vroegste vermeldingen van burgerinspraak bij een grafelijk besluit in Gelre. Doetinchem krijgt rond diezelfde tijd stadsrechten en staat bekend om haar markt. Na hevig protest van de Doesburgers wordt de beslissing in 1231 teruggedraaid: de jaarmarkt van Sint Gallus, de weekmarkt en het gruitrecht keren terug. Het incident weerspiegelt een bredere rivaliteit tussen de nieuwe Gelderse steden, die alle aan de rand van het graafschap werden gesticht om het territorium van de graaf te markeren en tolinkomsten te vergaren. Historicus Andries Noordzij acht het zelfs denkbaar dat Otto II de oorkonde op aandringen van de betrokken steden zelf liet uitvaardigen.