Leiendekker Jan Stofvoet splitst zijn pand aan de Koepoortstraat
tot 800800–900900–10001000–11001100–12001200–13001300–14001400–15001500–16001600–17001700–18001800–19001900–2000vanaf 2000
1630
Bronnen:
Uit de opgravingsgeschiedenis van het perceel aan de Koepoortstraat/Korte Koepoortstraat is voor de vroegmoderne tijd één bewoner met naam te achterhalen: leiendekker Jan Stofvoet, die in 1630 zijn pand splitst. Het voorhuis gaat naar zijn zoon, van beroep kuiper, met diens gezin. Later, in 1818, voegt notaris W.C. Ketjen beide toen bestaande panden weer samen tot één koetshuis.