Noormannen bezetten Doesburg
tot 800800–900900–10001000–11001100–12001200–13001300–14001400–15001500–16001600–17001700–18001800–19001900–2000vanaf 2000
884 – 885
- Beschryving van het begin, opkomst, en aanwas der stad Doesburg , Adam Huygen (geraadpleegd 24-08-2026. Huygen dateert dit "in den Jaere 884", tijdens de regering van graaf Herman van Zutphen, vijf jaar na het aantreden van Wichard van Pont als eerste voogd van Gelre in 879.)
- Streekarchivariaat de Liemers en Doesburg — Inleiding, Inventaris Oud Archief Doesburg 1230-1811 — A. Koster, 2014 (geraadpleegd 26-08-2026. Vermeldt expliciet dat oudere berichten over een Noormannen-plundering vermoedelijk het aan de Rijn gelegen Duisburg betreffen, niet Doesburg.)
- archaeologie-duisburg.de — Die Wikinger kommen. Zur Geschichte der Wikingereinfälle im 9. Jahrhundert (geraadpleegd 26-08-2026. Beschrijft de bezetting en overwintering van Deense Noormannen bij Duisburg (Ruhr) in 883, beschouwd als de eerste gedocumenteerde vermelding van die stad (1100-jarig jubileum in 1983).)
Adam Huygen noteert in 1653 dat Deense Noormannen in 884 Doesburg zouden hebben bezet, er een versterkt blokhuis bouwden om te overwinteren en van daaruit de streek plunderden, tot keizer Karel de Dikke hen in het voorjaar van 885 verdreef. Dit verhaal is vrijwel zeker een verwisseling met een goed gedocumenteerde gebeurtenis bij het gelijknamige Duisburg aan de Rijn: daar bezetten Deense Noormannen in 883 eveneens een oppidum, bouwden er een vesting en overwinterden er, tot een Frankisch leger onder hertog Hendrik van Oost-Franken hun plundertochten blokkeerde. Dit wordt zelfs beschouwd als de eerste gedocumenteerde vermelding van dat Duisburg, dat er in 1983 zijn 1100-jarig bestaan aan ontleende. Huygens kroniek bevat vaker verhalen over de vroegste geschiedenis van Doesburg die achteraf niet houdbaar blijken: ook zijn afleiding van de plaatsnaam van de Romeinse veldheer Drusus wordt door latere onderzoekers ontkracht. Gezien de bijna identieke schrijfwijze Doesburg/Duisburg is het aannemelijk dat Huygen, of een bron waarop hij zich baseerde, het verhaal over de Rijnstad per abuis aan de Gelderse stad toeschreef.